In de zomer van 2010 voerde ARON bvba een opgraving uit op het Vrijthof te Tongeren. Dit onderzoek toonde eens te meer de archeologische rijkdom van de Tongerse ondergrond aan. Zo vond men er onder meer twee stukken van een grote Romeinse zuil. Bovendien kregen de archeologen een kijk op een luxueuze Romeinse stadswoning uit de 2de tot 3de eeuw n.Chr., die – zo is geweten uit naburige opgravingen – doorheen de tijd langzaam evolueerde naar een christelijke kerk. In combinatie met resultaten uit andere opgravingen krijgen de archeologen zo een steeds beter beeld van ‘de oudste stad van Vlaanderen’.

Op het Vrijthof in een put nabij de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek bevindt zich het onderste deel van een Romeinse toren uit de 4de eeuw n.Chr., die dringend overdekt moest worden als bescherming tegen weer en wind. Omdat de toren onder het straatniveau ligt, kan hij ondergronds verbonden worden met de nieuwe museumkelder onder de basiliek, die net ten noorden ligt. In het verleden vonden archeologen onder deze basiliek al een deel van een zeer grote Romeinse stadswoning. De geplande verbinding met de Romeinse toren gaf aan de onderzoekers de kans buiten het kerkgebouw een nieuw deel van deze woning op te graven. Uit oudere vondsten was reeds gebleken dat op deze plaats de archeologische sporen zeer goed bewaard zijn. Het valt bovendien zelden voor dat een continue bewoningsgeschiedenis van de Romeinse tot de middeleeuwse periode op één plaats te reconstrueren is.

Het Tongerse Vrijthof tijdens de opgraving © ARON bvba
Het Tongerse Vrijthof tijdens de opgraving © ARON bvba

Een kapittelzaal

Onmiddellijk onder het asfalt kwamen dikke muren aan het licht die ooit toebehoorden aan de oude kapittelzaal van de basiliek. Een deel van dit gebouw is nog steeds bovengronds bewaard tegen de muur van de basiliek. Tijdens de 19de eeuw waren rondom deze locatie al enkele opgravingen gebeurd, waarvan bij het nieuwe veldwerk ook sporen zijn teruggevonden. In de oude opgravingsverslagen lezen we dat de toenmalige archeologen op deze locatie de Sint-Maternuskapel situeerden. Deze kapel werd in 1803 volledig afgebroken en het was onduidelijk waar hij ooit had gestaan. Op basis van de huidige kennis en de gegevens van de nieuwe opgraving lijkt het waarschijnlijker dat deze kapel op de plaats van de Romeinse toren gebouwd was.

De zuil in de zwarte laag

Onder de sporen van de oude kerk lag een dikke, zogenaamde ‘zwarte laag’. Archeologen komen dit pakket donkere grond vaker tegen in Tongeren, en met name op de overgang tussen de Romeinse periode en de middeleeuwen. Deze grondlaag heeft zich over een lange periode gevormd en getuigt van de opgave van de Romeinse stad en de heraanleg tijdens de middeleeuwen, in een gemengd en verstoord lagenpakket. Ook op het Vrijthof was deze laag aanwezig, met onderin twee verrassende vondsten. Zo werden twee delen ontdekt van een grote Romeinse zuil die tot 6m hoog kan geweest zijn. De cilindervormige zuilfragmenten, ook wel zuiltrommels genoemd, waren mooi versierd met een schubvormig reliëf, en droegen elk de afbeelding van een god. De grootste zuiltrommel toonde de Romeinse god Sol, de zonnegod, te herkennen aan zijn stralenkroon. De andere trommel droeg een afbeelding van de godin Juno, de vrouw van oppergod Jupiter. Beide stukken waren ooit onderdeel van eenzelfde ‘Jupiterzuil’, een voor onze streken typisch eerbetoon aan Jupiter. Zowel de zeldzaamheid van dit soort zuilen, als de afbeelding van de god Sol, maakt de vondst bijzonder. Of de zuil, die gemaakt is in de 4de eeuw n.Chr., ook werkelijk op de opgravingslocatie heeft gestaan, is onzeker. Met de komst van het christendom, in de laat-Romeinse periode, werden de meeste ‘heidense’ Romeinse beelden immers afgebroken en hun onderdelen herbruikt als bouwmateriaal voor nieuwe gebouwen. De afwezigheid van de rest van de zuil suggereert dat dit ook hier het geval is. Onderaan één van de zuiltrommels is ook een kruisteken zichtbaar, dat achteraf werd aangebracht. Mogelijk kan dit ook als christelijk geïnterpreteerd worden.

Detail van de grootste zuiltrommel met afbeelding van de god Sol © ARON bvba
Detail van de grootste zuiltrommel met afbeelding van de god Sol © ARON bvba

 

Detail van de kleinere zuiltrommel met afbeelding van de godin Juno  © Agentschap Onroerend Erfgoed
Detail van de kleinere zuiltrommel met afbeelding van de godin Juno © Agentschap Onroerend Erfgoed

Van Romeinse woning tot kerk

Na het weggraven van de zwarte laag kwamen de eerste sporen tevoorschijn van de reeds eerder genoemde luxueuze Romeinse woning. Deze was verschillende malen door brand vernield maar telkens heropgebouwd. Zo waren op het Vrijthof minstens vier bouwfasen van de woning te herkennen, allen daterend in de 2de en 3de eeuw n.Chr. In combinatie met de oudere opgravingsresultaten uit de basiliek weten we dat het gehele gebouw in oppervlakte ooit groter was dan de kerk zelf. In de laat-Romeinse periode werd een groot deel van Tongeren door branden vernield en bleef er slechts een klein deel van de woning rechtstaan. Een deel van deze woning, opgegraven onder de basiliek, bestond uit een rechthoekig zaaltje met een apsis, een halfronde nisvormige ruimte aan de korte zijde. Het was deze zaal die doorheen de tijd zou evolueren van een Romeinse basilica, of burgerlijke vergaderzaal, naar een vroegchristelijke kerk en uiteindelijk de huidige basiliek.

Zicht op de verschillende bewaarde muren van de Romeinse woning, met de typische afwisseling van natuur- en baksteen  © ARON bvba
Zicht op de verschillende bewaarde muren van de Romeinse woning, met de typische afwisseling van natuur- en baksteen en opvulling van bouwpuin © ARON bvba

Luxe en rijkdom

De woning was opgetrokken uit dikke stenen muren die de basis vormden voor lemen wanden. Van de vier bouwfasen waren alle wanden echter ingestort en meestal afgedekt met brandlagen en ingestorte daken. Elke bouwfase bestond dus uit een vloer met daarop een dik pak leem, gevolgd door een pakket van verbrand hout en fragmenten dakpan. Bij de aanvang van een nieuwe bouwfase werd rechtstreeks bovenop de ingestorte lagen gebouwd, waardoor de oude sporen goed bewaard bleven. Vaak waren de binnenwanden van de lemen muren van Romeinse woningen beschilderd met felle kleuren en soms ook met figuren. Ook op het Vrijthof werden vele stukjes van zulke muurschilderingen of fresco’s gevonden, vermengd met de leempakketten en de brandlagen. Uit de jongste bouwfase werd een zeer groot stuk van een dergelijk fresco gevonden dat bovendien zeer goed bewaard was. De grote scène toonde een naakte persoon, mogelijk een godheid, omgeven door rotsen en water. Zulke muurschilderingen kwamen, zelfs in rijke stadswoningen, niet in elke ruimte voor en bewijzen dat het hier waarschijnlijk om een belangrijke kamer ging. Dezelfde ruimte had trouwens niet alleen luxueuze muren maar ook een goed bewaarde mortelvloer en een ondergronds waterkanaal opgebouwd uit dakpannen. Sommige van deze dakpannen droegen een stempelindruk van de persoon die de pannen maakte. Het gebruik van deze duurdere bouwmaterialen toont duidelijk de rijkdom van de woning.

Groot fragment muurschildering bovenop de brandlaag en mortelvloer. Tijdens een woningbrand is de muur met schildering naar binnen op de vloer gevallen en is daar bewaard gebleven © ARON bvba
Groot fragment muurschildering bovenop de brandlaag en mortelvloer. Tijdens een woningbrand is de muur met schildering naar binnen op de vloer gevallen en daar bewaard gebleven © ARON bvba

De oudere bouwfases en een Romeinse keuken

De keukenstructuur met vooraan de oven opgebouwd uit dakpanfragmenten © ARON bvba
De keukenstructuur met vooraan de oven opgebouwd uit dakpanfragmenten © ARON bvba

Onder de mortelvloer van de jongste woning vonden de archeologen nog drie oudere fases van het huis. Ook hier bleek de status van de woning uit het gebruik van duurdere bouwmaterialen en vele fragmenten van muurschilderingen. Eén van de ontdekte ruimtes uit de oudste woning deed ooit dienst als keuken. Tot de vondsten behoren ondermeer een oven en een soort aanrecht, allebei opgebouwd uit dakpanfragmenten en leem. De oven vertoonde zelfs nog duidelijk brandsporen aan de binnenkant. Het aanrecht was waarschijnlijk een soort werkblad met openingen voor houtopslag of keukengerei. In luxueuze woningen te Pompeii (Italië) en Bad Neuenahr-Ahrweiler (Duitsland) zijn in het verleden gelijkaardige keukens gevonden. De geplande bouwwerken laten mogelijk oudere sporen ongemoeid omdat die dieper in de grond zitten. Wellicht zullen toekomstige archeologen dit verhaal ooit verder vervolledigen.

Patrick Reygel


Dit artikel komt uit Ex situ 1

ES1_cover_web